Friendly Stalking Arne Hendriks – Interview Sjoerd Westbroek


Friendly Stalking houdt zich bezig met het ontwerpen van de ontmoeting. Voor Department of Search nodigde het wetenschappers uit om kunstenaars langdurig te volgen op basis van eigen criteria, interessegebied en expertise. De wetenschapper wordt uitgedaagd om zich te verdiepen in het onderzoeksproces en de kennisproductie van de kunstenaar,en de opgedane ervaringen publiek te maken. Het Friendly Stalking team reflecteert met de wetenschapper op de bevindingen en overweegt of deze kunnen worden toegepast in nieuwe didactische modellen.- Friendly Stalking

Tekst door kunstenaar ( en filosoof) Sjoerd Westbroek.

Sjoerd: Je volgt het project van Arne Hendriks, kun je iets vertellen over hoe je dat hebt aangepakt?

Sabine: Ik heb Arne gemaild en op Facebook toegevoegd en hem gevraagd wat zijn plannen waren. Op een gegeven moment heb ik ook een stukje geschreven en dat naar hem toegestuurd. Daar kreeg ik reactie op, met een essay dat hij heeft gebruik, Illness as a Metaphor, van Susan Sontag. Voor mij is dat nu de basis om verder na te denken en te schrijven. Ik heb nog twee andere boeken die ik wil gaan lezen die ook te maken hebben met kanker. Maar ik heb nu echt wel weer zijn input nodig.

Sj: Waarom heb je het gevoel dat je dat nodig hebt? Je kunt je bijvoorbeeld ook als kunstcriticus opstellen, dus als iemand die iets bekijkt en daar over schrijft.

Sa: Dat vind ik geen fijne positie, ik wil liever onderzoeken waarom hij bepaalde keuzes heeft gemaakt. Daar kun je uiteindelijk ook nog een oordeel aanhangen, maar dat vind ik niet zo waardevol. Ik heb zijn input nodig, niet omdat het een samenwerking is, maar omdat het over hem moet gaan. Misschien dat het door de naam Friendly Stalking komt dat ik denk dat ik meer contact moet hebben, terwijl het eigenlijk niet nodig is.

Sj: Waarom heb je het project van Arne uitgekozen?

Sa: Op dat moment had mijn moeder net de diagnose gekregen dat ze kanker had in haar rug. Later bleek het een goedaardig gezwel te zijn, desalniettemin harstikke gevaarlijk want hij drukte tegen de rugzenuw aan. Ik denk dat het voor mij de manier was om grip te krijgen op de situatie. Daarnaast vind ik het een controversieel idee en daar hou ik wel van.

Sj: Wat vind je precies controversieel?

Sa: Het is best heftig om die vergelijkingen te maken, om kanker en economie naast elkaar te plaatsen. Bij het woord alleen al zit heel veel pijn bij mensen. Net sprak ik iemand die vertelde dat zijn vader een jaar geleden aan kanker is overleden, wat betekent dat er al niet meer zonder emotie naar het project kan worden gekeken. Dat hoeft natuurlijk niet, dat mag ook gewoon worden meegenomen, maar ik vind dat…ik weet niet of spannend het goede woord is…ik vind dat heel interessant. Emoties kunnen echter ook gedachtes blokkeren.

Sj: Is het iets dat je mee wil nemen in het onderzoek, die emotionele lading?

Sa: Die heb ik al meegenomen in de stukjes die ik heb geschreven. We worden er vroeg of laat allemaal mee geconfronteerd. Susan Sontag beschrijft in haar boek hoe we kanker ervaren: als een metafoor voor hoe we leven én als iets waardoor we ons verraden voelen. Het stigma, het taboe en de sociale aspecten van kanker zijn redenen waarom ik het project heb gekozen.

 

Sj: Hoe verhoudt het project zich tot de manier van werken of onderzoeken die je hebt meegekregen bij de studie filosofie, zie je overeenkomsten of verschillen?

Sa: Ik zie wel overeenkomsten. Bij filosofie lees je heel veel en vervolgens ga je daar over in discussie. In die zin krijgen woorden een andere context. Als je met anderen praat over een essay dat je hebt gelezen, dan komt daar altijd weer iets verrassends uit. Ik heb ook vaak gehad dat je dat in je buik voelt. Opeens verschuift er een hele lading van betekenissen waarvan je dacht dat je ze had geordend. Je bent in discussie en dan klikken er dingen in elkaar wat je doet realiseren dat je iets helemaal over het hoofd hebt gezien. Misschien werkt dat bij Arne net zo als hij in gesprek gaat met economen en oncologen. Doordat er allerlei expertises bij elkaar komen kan er ook een betekenisverschuiving plaatsvinden. Ik denk dat de filosofie hierin een geweldige partner kan zijn.

 

Sj: Wat hoop je er voor jezelf uit te halen?

Sa: Ik weet het nog niet, daar kom ik waarschijnlijk pas later achter, ik wil vooral heel graag leren. Ik denk dat de vergelijking die Arne maakt heel reëel is en ik hoop eigenlijk dat daar iets uitkomt. Wij zien de wereld zoals we hem benoemen. Taal is zo belangrijk en we staan daar niet zo vaak bij stil, tenzij het je vakgebied is. Taal verandert ook continue. Mijn benadering zal dus waarschijnlijk taalfilosofisch worden. Ik vind het fijn dat ik weer wat taalfilosofie op kan halen. Taalfilosofie, Wetenschapsfilosofie en Filosofie van de geest zijn vakken waar ik heel erg gek op ben en me graag verder in wil verdiepen. Ik heb wel een module Kunstfilosofie gevolgd, maar dat was… te analytisch. Heel interessant, maar ik voelde me er niet in thuis.

 

Sj: Hoe pak je dat hier dan aan, want dit zijn ook kunstprojecten?

Sa: Ik word hier vrijgelaten in hoe ik naar de projecten kijk en daardoor kan ik de ervaring vertalen naar welke stroming of filosofie dan ook. Ik hoef er niet vanuit de kunstfilosofie naar te kijken. Daarom is het ook zo fijn om te kunnen sparren met de kunstenaars, omdat die zich sowieso niet veel aantrekken van wat kunstfilosofie nu eigenlijk is. Desondanks staan filosofie en kunst niet volledig los van elkaar, ze bijten elkaar soms, of raken elkaar aan.

 

Opeens verschuift er een hele lading van betekenissen waarvan je dacht dat je ze had geordend. Je bent in discussie en dan klikken er dingen in elkaar wat je doet realiseren dat je iets helemaal over het hoofd hebt gezien.

 

Sj: Ik begrijp wat je zegt, het gaat je niet om de vraag of iets nu een kunstwerk is of niet. Het gaat misschien meer om het tot begrip brengen van de vragen die opgeworpen worden, door een reflectie op taal.

Sa: Ja, en zeker in dit project gaat het om de maatschappelijke relevantie en het toekomstdenken. Dat het een kunstenaar is die dat doet, daar kan ik me goed in vinden, kunstenaars kijken op een heel andere manier naar de wereld. Filosofen doen dat misschien ook wel, dat bevragende, het vragen stellen. Echter, de filosoof zal het sneller opschrijven, en verwerken in een gesprek, een discussie of in een tekst en de kunstenaar in iets visueels of zoekt antwoorden in verschillende materialen. Ik denk dat daar het verschil vaak ligt. Vaak, niet altijd.

 

Sj: Een van de doelen van Zero Footprint Campus is om vrije ruimte te scheppen…

Sa: …ja, om verschillende vormen van kennis weer gelijk te trekken…

Sj: …het overkoepelende project heet Departement of Search, omdat het echt als een soort faculteit zou kunnen functioneren.

Sa: Ja, en dat kan het denk ik ook en dat is waar ik zo enthousiast van word. We zijn gewend om ons vak te leren en binnen dat domein te handelen. We zijn veel te druk om met elkaar in gesprek te gaan, terwijl ik denk dat dat uiteindelijk het allerbelangrijkste is.

 

Sj: Toch zijn alle wetenschappen afzonderlijk ook heel waardevol. Filosofie is waardevol, antropologie is waardevol, geowetenschappen zijn waardevol en ga zo maar door. Op welk probleem biedt het denken voorbij traditionele disciplines een antwoord of oplossing?

Sa: Nu ja, we lopen tegen heel veel problemen aan, denk bijvoorbeeld aan het klimaat. Er is ergens hele grote droogte, terwijl ergens anders veel te veel regen valt. Bij dergelijke kwesties ontkomen we er niet aan bij elkaar te komen om een wederzijds begrip te ontwikkelen. Zonder zweverig te willen klinken, ik ervaar daarin ook een spirituele leegte. Veel wetenschap sluit spiritualiteit uit en daarom is het interessant om bijvoorbeeld ook naar Oosterse filosofieën en andere culturele tradities te kijken en dat gebeurt nu helemaal niet.

 

Sj: Ik vind het interessant dat je spiritualiteit inbrengt, waardoor wordt zo’n kwestie voor jou opgeroepen? Is dat een persoonlijke behoefte, of heeft het ook te maken met de manier waarop je filosofie wil bedrijven?

Sa: Ja, dat laatste, ik ben lid van de Society for Women in Philosophy en zij houden zich ook bezig met de oosterse filosofie. Als filosoof, en dat zal jij misschien ook hebben, ben ik altijd benieuwd naar de andere kant. Het is nooit het geval dat je ergens een volledig antwoord vindt, ik geloof daar niet in. Er is altijd een andere kant en die moet je belichten ook als je er daarna niets mee doet. Ik kom daarmee in aanraking omdat ik ben ingeschreven bij verschillende groepen en nieuwsbrieven, maar hier op de universiteit wordt er eigenlijk nog niets van aangeboden. Terwijl we er prat op gaan dat filosofie zo bevragend is…

 

Sj: Helemaal mee eens, maar wat betekent spiritualiteit dan precies voor jou? Er zijn allerlei wetenschappelijke methodes en daarnaast bestaan er andere vormen van betekenisgeving. Het is niet evident dat die allemaal bij elkaar zouden moeten komen.

Sa: Nee, het hoeft ook niet allemaal bij elkaar te komen, maar je moet er wel notie van nemen. Ik ga graag met mensen in gesprek die anders denken. Een tijd geleden ben ik met een woordvoerder van een moskee in gesprek gegaan, omdat ik me afvroeg wat de islam nu precies is en waar al die angst vandaan komt. De angst zelf maakt me bang.

 

Sj: Je bedoelt heel concreet de angst voor de ander?

Sa: Ja, maar meer algemeen misschien de angst voor verandering, of de angst dat we het allemaal verkeerd doen. Moet ik misschien ook mijn zekerheden opgeven? Het idee alleen al is waanzinnig eng. Echter, juist door te gaan onderzoeken, te graven en stil te staan bij wat je aantreft neem je die angst weg. Misschien is dat spiritualiteit.

 

Sj: Je hebt het over de angst om zekerheden te verliezen, maar op het moment dat je die angst hebt weggenomen, heb je dan ook niet die zekerheden weggenomen?

Sa: Ja, maar ik ben er van overtuigd dat niets zeker is.

 

Sj: Komt er iets voor in de plaats dat in ieder geval de mogelijkheid tot berusting geeft?

Sa: Ik denk niet dat ik een heel rustig persoon ben, ik ben eigenlijk nogal onrustig…  weet je, wat rust terugbrengt is de relatie die je opbouwt met nieuwe mensen, met andere mensen. Het enthousiasme in het delen van ervaringen en kennis brengt rust. Of iets nu waar is of niet, of je het nu met elkaar eens bent of niet, elkaar in de ogen kijken en een gesprek voeren, ik denk dat het gaat om dat menselijk contact. Arne wil ook een choreografie maken en in zekere zin is dat natuurlijk ook een taal. Ik ga vaak naar voorstellingen en er is niets zo intiem als dat iemand voor jou aan het dansen is. Je hoort de ademhaling en de voetstappen, je hoort de kleding ritselen. Dat is ook een manier om iets te uiten. Echter, ik denk toch dat het specifieker of meer gekaderd is als je woorden gebruikt.

 

Sj: Dat zou een interessant gesprek met Arne kunnen zijn. Het plaatst een kritische kanttekening bij het project dat hij doet, maar het gaat ook over waar je naartoe wilt – wat je zelf beschrijft als een toenadering tot de ander en dat er daadwerkelijk de ruimte ontstaat om de ander te ontmoeten…

Sa: …en een nieuwe dialoog aan te gaan, misschien in een nieuwe taal met nieuwe betekenissen.

 

Sj: We hadden het net over angst als een motivatie om de angst juist op te zoeken en daarvoor noemde je de weerstand die iets op kan roepen.

Sa: In eerste instantie handel ik niet uit angst – nee, je moet echt niet uit angst handelen. De basis is nieuwsgierigheid en de weerstand en angst komen dan misschien pas later. En dat is ook weer interessant om te onderzoeken. Het gaat om nieuwsgierigheid, verlangen om te leren, verlangen om contact te maken, verlangen om de wereld anders te leren zien dan me is aangeleerd. Ik vind het heel leuk om dingen te doen zoals ze niet horen, gewoon andere paden bewandelen, kijken waar je uitkomt.

 

Sj: Ik begrijp wat je bedoelt, maar nieuwsgierigheid is tegelijk ook een vaag begrip, er zijn veel dingen die nieuwsgierigheid kunnen prikkelen maar toch maak je een keuze om een route wel te volgen en een andere niet. Hoe navigeer je binnen die prikkels? Richard had het over een gut feeling, het gevoel dat zegt: daar zit iets in voor mij. Dat te volgen kan je beter doen begrijpen waarom je je er toe aangetrokken voelt. In die zin is het een soort zelfbevestigend proces.

Sa: Voor mij is dat echt een onderbuikgevoel. Als ik iets zie en er kriebels van krijg, dan kan ik ook niet meer slapen en wil ik er mee bezig zijn. Erover leren en denken. Misschien leidt het tot niets. Maar waarom ik hier aan mee doe… Een visuele prikkel kan ook al een reden zijn waarom je ergens voor kiest, het kan van alles zijn. Maar daarom heb ik ook vaak de behoefte om me terug te trekken, even helemaal niet te reageren.

 

Sj: Om te denken?

Sa: Om naar de kern terug te gaan. Waar kwam ik vandaan? Dan kom ik er achter dat ik dingen bij moet stellen. Ik weet niet wat ik er verder over moet zeggen.

 

Sj: Ik kijk even op de klok…het is vier uur…

Sa: Ga je mee met de rondleiding?

 

Sj: Ik loop in ieder geval mee die kant op. Oh, volgens mij zijn ze al begonnen.

Sa: Ok, dan moeten we snel zijn…